postkaartje van een treinreiziger x
braaf ging ik zitten op mijn gereserveerde plekje, had al gezien dat hier niemand zat - met hier bedoel ik heel de wagon en met niemand bedoel ik geen kat!
tussen bekeken worden en vergeten zijn, speelt zich het schouwspel af van mijn identiteit. Dat ik dit nu niet delen kan, is met voorbedachte rade zelfgekozen, en bij nader inzien,
achteraf
altijd
stil.
Het landschap barst van bloei; de trein zingt op fluistertoon mee, hoe de wind breekt en haar wielen, de treinsporen streelt;
ik vertrok op tijd maar keerde te laat terug,
geen idee of mijn plaats in de stad al was ingenomen
maar tussen al deze lege stoelen, romantiseer ik
verwacht ik,
bedenk ik, dat ik altijd al deze keuze had:
om te zitten en te zijn, eender wie en waar ik wil!
Reacties
Een reactie posten